00:00
Puccini - Madama Butterfly
De Italiaanse dirigent Beatrice Venezi leidt het Orchestre national de Metz Grand Est en het Choeur de l'Opéra-Théâtre de Metz Métropole in een uitvoering van Giacomo Puccini's tragische opera Madama Butterfly (1904). Cio-Cio-San, de jonge Japanse geisha 'Butterfly' uit de titel, trouwt met de bezoekende Amerikaanse officier Pinkerton. Trouw zijn terugkeer afwachtend, kan ze niet accepteren dat Pinkerton haar in de steek heeft gelaten. Deze productie van regisseur Giovanna Spinelli uit 2021 vertelt het verhaal 35 jaar na de gebeurtenissen van Puccini's oorspronkelijke opera. De opera opent in het ziekenhuis, waar de zieke Pinkerton op zijn sterfbed verteerd wordt door wroeging. In aanwezigheid van zijn Amerikaanse vrouw Kate en hun zoon Dolore onthult Pinkerton het lang bewaarde geheim over de biologische moeder van zijn zoon. Terwijl hij vertelt, verschijnen de geesten uit het verleden in de kamer, waardoor het verhaal zich op twee tijdlijnen tegelijk afspeelt. Door het narratieve perspectief te verschuiven, levert Spinelli een aangrijpende en ontroerende nieuwe interpretatie van dit klassieke werk. Onder de solisten bevinden zich Francesca Tiburzi, Thomas Bettinger, Vikena Kamenica, Jean-Luc Ballestra, Daegweon Choi en Aurore Weiss. Deze uitvoering werd in 2021 opgenomen in het Opéra-Théâtre de Metz Métropole, in de Franse stad Metz.
02:17
Bach - Partita's voor viool (BWV 1001-1006)
Wanneer Gidon Kremer terugkeert naar de partita’s van Bach is dat een groots gebeuren. Kremers eerste opname dateert alweer van een kwart eeuw geleden. In deze opname uit 2006 gaat Kremer andermaal de uitdaging aan: Bachs Sonates en Partita’s voor solo viool (BWV 1001-1006), welke door de violist zelf worden omschreven als de “Himalaya van het klassieke vioolrepertoire”. De werken hebben een grote inspiratie gevormd voor werken voor viool van latere generaties componisten. In deze uitvoering toont Kremer zijn gevoel voor spontaniteit en gaat hij risico’s zeker niet uit de weg. Zonder uit de bocht te schieten bewaart Kremer zijn structurele oplettendheid en doet hij op unieke wijze recht aan de polyfonische rijkdom en danselementen van de composities, door deze te voorzien van reflecterende diepgang.