00:00
Debussy - Pelléas et Melisande
Alain Altinoglu dirigeert de Philharmonia Zürich, het Zusatzchor Opernhaus Zürich en SoprAlti der Oper Zürich in een uitvoering van Debussy’s Pelléas et Mélisande, een opera in vijf akten met het Franse libretto van het toneelstuk van Maurice Maeterlinck. Het werk ging in première in de Opéra-Comique te Parijs in 1902. In het verhaal staat een liefdesdriehoek centraal. Prins Golaud komt de mysterieuze jongevrouw Mélisande tegen. De twee trouwen en Golaud brengt haar naar het kasteel van zijn grootvader koning Arkel, alwaar Mélisande gevoelens krijgt voor Golauds jongere halfbroer Pelléas. Solisten zijn onder meer Brindley Sherratt (Arkel), Jacques Imbrailo (Pelléas), Kyle Ketelsen (Golaud) en Corinne Winters (Mélisande). Geregisseerd door Dmitri Tcherniakov en opgenomen in het Opernhaus Zürich in 2016.
02:47
Bach - Partita's voor viool (BWV 1001-1006)
Wanneer Gidon Kremer terugkeert naar de partita’s van Bach is dat een groots gebeuren. Kremers eerste opname dateert alweer van een kwart eeuw geleden. In deze opname uit 2006 gaat Kremer andermaal de uitdaging aan: Bachs Sonates en Partita’s voor solo viool (BWV 1001-1006), welke door de violist zelf worden omschreven als de “Himalaya van het klassieke vioolrepertoire”. De werken hebben een grote inspiratie gevormd voor werken voor viool van latere generaties componisten. In deze uitvoering toont Kremer zijn gevoel voor spontaniteit en gaat hij risico’s zeker niet uit de weg. Zonder uit de bocht te schieten bewaart Kremer zijn structurele oplettendheid en doet hij op unieke wijze recht aan de polyfonische rijkdom en danselementen van de composities, door deze te voorzien van reflecterende diepgang.
04:03
Mahler - De wonderhoorn van de jongen
De "Des Knaben Wunderhorn"-liederen, een verzameling van 12 orkestrale lieder van Mahler, zijn gebaseerd op volksgedichten uit de verzameling van Arnim en Brentano. Ze combineren romantische elementen met volksinvloeden en verkennen de menselijke ervaring met authenticiteit en diepe emotionele diepgang. De liederen putten uit Duitse volkstradities en bevatten thema's als natuur, liefde en het soldatenleven, vaak met een dramatische of aangrijpende kwaliteit.
05:06
Mozart - Symfonie nr. 34, KV. 338
Maestro Iván Fischer leidt het Orchestra del Maggio Musicale Fiorentino in een opmerkelijk concertprogramma met werken van Wolfgang Amadeus Mozart en Antonín Dvořák. Mozarts Symfonie Nr. 34 in C majeur, K. 338 opent het programma. Dit werk, voltooid in de zomer van 1780, was de laatste symfonie die Mozart in Salzburg schreef, waar hij werkte als hofmusicus. De driedelige symfonie heeft twee levendige buitenste delen vol fanfares en opzwepende thema's, terwijl het rustigere tweede deel enkel voor strijkers is geschreven. Deze opbouw wijkt af van de destijds gebruikelijke vierdelige structuur. Daarna staat Dvořáks Symfonie nr. 7 in d-mineur, Op. 70 op het programma. Dvořák voltooide het werk in maart 1885 en dirigeerde een maand later zelf de première in Londen. De dramatische, duistere stijl van deze symfonie staat in schril contrast met de overwegend optimistische toon van Dvořáks oeuvre. Deze uitvoering werd opgenomen in het Teatro del Maggio Musicale Fiorentino in Florence, Italië, op 29 januari 2021.